Op deze pagina treft u advies en tips over de wijze waarop fuchsia's en pelargoniums het best tot hun recht kunnen komen. Maak uw keuze:


FUCHSIA'S

Wanneer u een plantje gekocht hebt, wilt u daaraan natuurlijk veel plezier beleven. Dat kan heel goed, maar dan moet u wel enkele regels in acht nemen. U moet er echter steeds aan denken dat een Fuchsia veel water nodig heeft, regelmatig bijgemest dient te worden en een goede standplaats krijgt. Dan zal uw plant tot er nachtvorst komt, uitbundig bloeien. Voor betere instructies gaan we wat dieper in op die goede verzorging.

Standplaats
Winterharde Fuchsia's kunnen 's winters gewoon buiten blijven. Alle bovengrondse delen sterven bij een flinke nachtvorst af maar in het voorjaar lopen ze toch weer, vanuit de grond uit. De meeste winterharde Fuchsia's verkiezen een plekje in de zon. De andere Fuchsia's verkiezen een plekje in de ochtendzon/ avondzon of half schaduw. Volle zon zoveel mogelijk vermijden! Oranje gekleurde bloemen kunnen meestal meer zon verdragen dan de andere. Witte bloemen worden met te veel zon meestal roze. Bij voorkeur zetten we de planten in de tuin of op een balkon, aan een pergola enz. Willen we de plant in huis houden geef dan een lichte, frisse plaats maar uit de zon.
De Fuchsia houdt dus van water. Dat betekent  dat ze (bij zonnig weer) elke dag water moeten hebben. Bij regen controleren of de grond in de pot wel water heeft gekregen. Bij dichte, bossige planten blijft de grond in de pot droog!

Potten
Is de pot ten opzichte van de plant te klein dan dient een grotere pot gegeven te worden. In dat geval is de potkluit geheel doorworteld. Komen de planten op een balkon of terras te staan dan bij voorkeur plastic potten nemen. Met plastic potten verliest de grond in de pot minder water dan met stenen potten. In de tuin kunnen we de planten met pot ingraven, wat gemakkelijk is bij het opnemen van de planten in de herfst. Maar we kunnen de planten ook uit de pot in de grond planten. Dit heeft als voordeel dat ze minder snel last van droogte krijgen.

Potgrond

De potgrond die wij gebruiken ( en bij ons te verkrijgen is ) bestaat uit 60% tuinturf, 20% turfstrooisel fijn, 20% turfstrooisel fractie 2 , 150 l klei,1,5 kg PG-mix (12-14-24), 7 kg kalk per m3. Dit extra luchtige potgrondmengsel wordt speciaal voor ons samengesteld De klei is om extra vocht vast te houden.

Bijmesten
U kunt in het vroege voorjaar beginnen met een aantal malen een voorjaarsbemesting met veel stikstof te geven 28-14-14 (alleen bij planten die niet verpot zijn). Zes weken na het uitlopen beginnen we met een bemesting van b.v. 20-20-20 één maal per week en 10-52-10 één maal per maand (voor wortel- en knopvorming). Begin september overstappen op een meststof met veel kalium b.v. 7-11-27 voor het afrijpen van de Fuchsia's, 1 maal per 14 dagen. Eind september stoppen met bemesten.

Winterberging
De niet winterharde soorten kunnen overwinteren in:

a. een kas of vorstvrije plaats in huis, kelder, zolder of garage, licht is niet nodig. Pas er voor op dat de planten niet te veel uitdrogen; daarom bijvoorbeeld eenmaal per week water geven. Kroonboompjes geven we iets meer water; de grond moet hier iets vochtig blijven. Pas echter op voor te veel water! Vooral bij kroonboompjes af en toe even door de kroontjes broezen: Mesten gedurende de winter is niet nodig.

b. een kuil: we graven een kuil van zo'n 60 centimeter diep. We moeten echter zorgen dat we ook bij hoge waterstand boven het grondwater blijven. We kloppen de planten uit de pot, snoeien de takken terug, halen het blad er af en de grond wordt van de wortels geschud(( Let op de larves van de Taxuskever, zijn die aanwezig, dan de kluit goed uitspoelen.. We leggen de planten dakpansgewijs op een dikke laag turfmolm in de kuil. We kunnen drie lagen op elkaar leggen en schudden turfmolm tussen de planten. Leg enige planken of palen over de kuil, daarover leggen we gaas en plastic. Hierop brengen we een laag turfmolm of bladeren en daarover zand aan. Bij zware vorst kan een extra dek hierover aangebracht worden.

c. op de grond opkuilen: Net als bij b, maar nu niet in de grond maar op de grond; dit voorkomt dus dat bij hoog water onze planten in het water komen te liggen en tengevolge daarvan kapot gaan.

d. in een kist met turfmolm op balkon of schuur. De wanden en de bodem kan men beter vorstvrij maken met dikke platen schuimplastic.

Werkzaamheden in het voorjaar
Haal vanaf eind maart de planten weer te voorschijn en zet ze in het licht. Plant ze op in schone potten in nieuwe grond. Als ze gaan uitlopen moeten ze flink ingesnoeid worden. Elke tak wordt zo ongeveer voor tweederde deel weggeknipt. Gebroken takken worden evenals takken die dwars door de plant heen groeien, weggenomen. De groeiende scheuten worden één of twee keer getopt om een beter gevulde plant te krijgen. Bescherm de groeiende planten tegen nachtvorst door er dan plastic of een ander scherm over te spannen.

Wanneer we verrukt zijn over de geweldige pracht van onze planten komen we in de verleiding stekken te maken. Welnu dat is niet zo'n probleem! Zolang we goed groeiende scheuten hebben kan dat gemakkelijk. Bij voorkeur nemen we niet verhoutte eindscheuten van zo'n 6 cm lang. Aan de onderkant wordt deze met een scherp mesje vlak onder een bladpaar afgesneden. De beide onderste blaadjes worden verwijderd. Het stekje wordt in een mengsel van turfmolm en scherp zand gezet. Op een warm plekje uit de zon maar wel in het licht. Een plastic zakje over de pot met stek. En als alles goed gaat zitten na drie weken voldoende wortels aan de stek om hem in een pot met potgrond te zetten. Potgrond als bij 4 omschreven. Van stek tot struik.

Om een mooie volle struik te krijgen nijpen we het topje er uit zodra het stekje 2 a 3 bladparen heeft. Er ontstaan dan twee scheutjes die we na enige tijd weer kunnen nijpen. (ook na 2 a 3 bladparen). Mogelijk moeten we nog een keer nijpen om een goede struik te krijgen.

Van stek tot kroonboompje
Voor het kweken van een boompje gebruiken we bij voorkeur een stevig groeiende soort. Naast de gewortelde stek zetten we een stokje om de groeiende scheut regelmatig hieraan vast te binden. Niet te strak, want het stammetje wordt steeds dikker! Het stekje niet toppen maar steeds door laten groeien. Is de stek 15 a 20 cm hoog, dan een grotere pot geven. Geen bladeren van het stammetje verwijderen. Zo nodig een langere stok geven. Zodra de plant de goede hoogte heeft bereikt, de top er uithalen.
Van de zijscheuten die er dan ontstaan de drie of vier bovenste laten staan, de andere aan het stammetje, wegnemen. De bladeren aan het stammetje vallen wel af. Denk er aan dat de bandjes waarmee het stammetje aan de stok gebonden is niet gaan knellen. Mest regelmatig en verpot op tijd. Opgelet, niet verhoute planten kunnen niet in een kuil of in het donker overwinteren! Deze moeten in een kas of kamer overwinteren (vorstvrij).

Ziektes
De meest voorkomende plagen bij Fuchsia's zijn:

  • Roest: te herkennen aan de oranjebruine sporenhoopjes, is het best te behandelen door de zieke bladeren te vernietigen en b.v. Het middel “Baycor”van Bayer te gebruiken.
  • Witte vlieg: door zuiging vergelen de bladeren en verdrogen. Op de afscheiding kan zich roetdauw ontwikkelen. Te behandelen door b.v. “Provado”van Bayer te gebruiken.
  • Luis: op de door zuiging aangetaste bladeren komt honingdauw, waarop in een later stadium roetdauw tot ontwikkeling komt. O.a. “Provado” van Bayer is hier een goed middel tegen.
  • Botrytis of grauwe schimmel: het symptoom is een grijzig witte schimmel, die de plant bedekt. De plant zal verrotten. Een middel hiertegen is o.a.”Teldor”van Bayer.
  • Taxuskever: de witte larve van deze kever is schadelijker dan de kever zelf. Hij kan de wortels van de plant opeten. Wortels van de plant goed uitspoelen, of bestrijding m.b.v. aaltjes uitvoeren.

 

 wskwekerij3.jpg wskwekerij2.jpg wkpelargonium.jpg


PELARGONIUMS

Als u iedere jaar gewone pelargoniums koopt dan kunt u deze het beste na de bloeitijd weggooien en iedere jaar nieuwe kopen. Maar als u zeldzame exemplaren bezit dan wilt u deze natuurlijk graag behouden. Voor het behouden zijn 2 dingen heel belangrijk: moet de plant gezond houden en u moet ze leren vermeerderen.

Het Stekken
Voor het stekken gebruiken wij stekgrond, 50% potgrond, 50 metselzand of cocopeat, dit is een stekgrond van kokosvezel. Net als bij Fuchsia's is het belangrijk de naam bij de stek te zetten. Zoek een goede stek met korte leden. Omdat en geranium gevoelig is voor bacteriën, is het aan te bevelen uw mes te ontsmetten met spiritus of alcohol. De stek moet ongeveer 5 cm lang zijn, u snijdt deze ongeveer 1,5 cm onder een bladoksel af. Verwijder eventuele losse blaadjes en steek de stek in de stekpoeder, de stek licht afkloppen en dan in een potje van 5 cm steken, de stek licht aandrukken. Geef de stekken niet teveel water en plaats ze op een lichte plaats uit de zon (niet afdekken met plastic). Als de stekken teveel water krijgen kan er wortelrot ontstaan, u ziet dan dat de stengel van onderaf zwart wordt. Als de stekken aanslaan komen er na ongeveer 3 weken wortels aan.

Verpotten
Hebben de stekken eenmaal wortels, dan kunt u ze gaan oppotten. Gebruik hiervoor een niet al te grote pot, de plant zal in een te grote pot geen goed wortelgestel krijgen. De voorkeur gaat uit naar een 9 a 10 cm pot.

Potgrond
Gebruik altijd een goede potgrond met eventueel 20% klei.

Van stek tot struik
Om een mooie plant te kweken moet je al vanaf het begin goed toppen. Hierdoor ontwikkelt de plant zich beter, eventuele bloemknoppen in het voorjaar verwijderen. Dwergvarieteiten hoeft u niet te toppen, deze vertakken uit zich zelf. Begin met toppen als de plant 5 bladeren heeft en haal dan het bovenste puntje eruit. De plant gaat nu in de breedte groeien. Tijdens de groei in donkere dagen de planten niet teveel water geven. Geef de planten tijdens de groei voldoende ruimte om schimmels te voorkomen.

Bijmesten
Elke week bijmesten met "plantprod 20-20-20" . 2 theelepels op 10 liter water mag een pelargonium wel hebben. Af en toe ook wat gedroogde koemest gebruiken is zeker aan te bevelen. Let op!! Geef een pelargonium nooit teveel voeding want dan bloeien ze juist minder.

Ziektes
De meest ernstige ziekte is roest. Dit ziektebeeld geeft aan de onderkant van het blad een grijze verkleuringen en aan de onderkant bruine sporenhoopjes. Bij ernstige besmetting worden alle bladeren geel en vallen af, het beste kunt u de roest bestrijden door de zieke bladeren weg te plukken en de planten te bespuiten met het middel 'Baycor" . Ook kunnen luizen en witte vlieg grote schade veroorzaken, b.v krullend blad. Dit kunt u bespuiten met het middel "admire" van het merk Bayer. Let ook goed op schimmels, deze kunt u goed voorkomend bestrijden met het middel "Finesse" of "Teldor".

Overwinteren
Het overwinteren van Pelargoniums kunt u het beste doen bij een temp van 7 à 8 op een lichte plaats, goed terugsnoeien en de planten niet teveel water geven.

Wij wensen u veel succes!